Onderwijskundige lijn voor groep 1/2

In de kleutergroepen gaan wij uit van een doorgaande ontwikkeling bij kleuters en maken we geen opsplitsing in groep 1 en 2. Het onderwijs in de kleutergroep sluit aan bij het individuele ontwikkelingsniveau van leerlingen. Kinderen leren van elkaar in een uitdagende leeromgeving. De klas is zodanig ingericht dat de materialen uitnodigen om te gebruiken. Vanuit een gevoel van veiligheid komt een kind tot spelen. Zodoende zal het kind spelenderwijs en ontdekkend gaan leren.

 

Onderwijskundige principes

Het onderwijs in de groepen 1/2 wordt aangeboden vanuit doelen gekoppeld aan thema’s, die zoveel mogelijk aansluiten bij de belevingswereld van kleuters. Deze thema’s komen in ieder geval aan de orde in de kring, de hoeken en de werklessen. In de kring kiezen de leerkrachten de activiteiten in aansluiting op het thema. In de werklessen zijn de weektaken gericht op de geplande doelen en op het thema. We gebruiken de SLO doelen en de methode Schatkist als leidraad voor de opzet van de thema’s.

 

‘s Morgens wordt er begonnen met een inloop. Op maandag wordt er gestart met een vertelkring. Tijdens de inloop gaan de kinderen direct aan de slag met een werkje dat door henzelf of door de leerkracht gekozen is. Tijdens de inloop gaat de leerkracht aan de slag met een klein groepje leerlingen voor extra hulp. Na de inloop gaan de kinderen in de grote kring en wordt er gepraat over de dagen van de week en het weer. Hierna wordt er een activiteit aangeboden waarmee kinderen activerend aan de slag gaan. Na de kring gaan de kinderen aan het werk in hoeken. In elke hoek liggen materialen van verschillende moeilijkheidsgraad, zodat alle kinderen daaruit een keuze kunnen maken. Ieder kind kiest een activiteit uit één van de hoeken (vrije keuze) of gaat aan de gang met één van de weektaken.

 

Halverwege de ochtend hebben de kinderen een pauze. Kleuters hebben veel behoefte aan beweging. Voor de motorische ontwikkeling zijn de lessen in het speellokaal en het spelen op het plein uitermate belangrijk. Bij goed weer gaan de kinderen naar buiten en bij minder goed weer naar het speellokaal. ’s Middags beginnen ze met een activiteit in de kring en gaan daarna weer aan het werk in hoeken. Als het weer het toelaat, gaan zij nog eens naar buiten. Gedurende alle activiteiten let de leerkracht op de verbale, cognitieve, sociale en motorische ontwikkeling van de leerlingen. Die terreinen ontwikkelen zich niet los van elkaar, er is steeds sprake van samenhang. Spelen en leren vloeien in elkaar over. Kleuters leren veel door eigen spontane activiteiten. Ze zijn voortdurend op zoek naar nieuwe uitdagingen. In het spel verkennen en verleggen ze hun eigen grenzen en mogelijkheden: dat noemen we zelfontdekkend leren.

 

Pedagogische principes

Kleuters krijgen onderwijs dat tegemoet komt aan hun basisbehoeften (welbevinden, autonomie, relatie en competentie) en de ontwikkelingsbehoeften die horen bij hun ontwikkelingsfase. Kleuters zijn heel betrokken als ze bezig zijn met leren van iets dat past bij hun ontwikkelingsbehoefte van dat moment. Daarom bieden wij kleuters een veilig, ondersteunend klimaat dat essentieel is voor het ontdekken en begrijpen van de omgeving. Zij leren er dan zo zelfstandig mogelijk mee om te gaan.

 

Kleuters zijn in staat tot het dragen van verantwoordelijkheid voor zichzelf en hun omgeving. Wij investeren in het opbouwen van positieve relaties, zowel van het kind met ons als leerkracht, als van de kinderen onderling. Wij luisteren goed naar de kinderen en stimuleren hun onderlinge communicatie. Met open vragen sturen wij de aandacht en het zelf denken van de kinderen.

 

Weektaken

We vinden het belangrijk om leerlingen verantwoordelijkheid te geven, onder andere voor hun eigen werk. Ook onze kleuters krijgen een taak, waarvoor zij verantwoordelijkheid dragen en die ze zelf plannen en uitvoeren. De jongste kleuters maken in ieder geval één van de drie opdrachten van de weektaak. De oudste kleuters maken alle drie de opdrachten. De weektaakopdrachten zijn ruim gevarieerd, bestrijken verschillende hoeken en de opdrachten zijn niet geheel gesloten. Het eindresultaat staat dus niet vast en hangt af van hoe de leerling de opdracht invult. Door te werken met weektaakopdrachten, leren de kinderen verantwoordelijkheid te dragen voor de planning en het resultaat van de opdracht. Door ze zelf het moment te laten kiezen waarop ze de weektaak uitvoeren, stimuleren we hun autonomie, zelfstandigheid en competentie. Zo nodig zal de leerkracht sturend optreden.

 

WELKOM! DEZE WEBSITE MAAKT GEBRUIK VAN COOKIES


Op onze website maken we gebruik van functionele - en analytische cookies om de website optimaal te laten functioneren en waar mogelijk te verbeteren. Deze cookies verzamelen geen persoonsgegevens.
Veel leesplezier!

Akkoord met de cookies